Skip to main content

Slim, humoristisch, waaks en warrelig  (uit Onze Hond 2023)


Al voor 1850 maakten herders op de heidevelden van Drenthe en op de Veluwe gebruik van 'doesachtige' honden om hun omvangrijke kudden schapen te hoeden en te bewaken. Het ging om zeer beweeglijke honden die goed konden springen en die over een groot uithoudingsvermogen beschikten. Slimme honden, die uitstekend in staat waren hun werkzaamheden zelfstandig uit te voeren. Hun ruige vacht ('does' is van oudsher een benaming voor honden met een warrelige vacht) zorgde ervoor dat ze bestand waren tegen alle weersomstandigheden, hun formaat voor een grote mate van wendbaarheid en beweeglijkheid.

 

Alle tekenen lijken erop te wijzen dat het ras al eeuwenlang in Nederland voorkomt, al was het dan wel onder de naam schapendoes. Hij stond bekend als 'Olde Grise', Oudhollandsche Herdershond of Herdersdoes. Over de vroege ontstaansgeschiedenis van de Schapendoes, officieel Nederlandse Schapendoes, valt weinig documentatie te leggen. Er is een theorie die ervan uitgaat dat de Schapendoes is voortgekomen uit de veel grotere berghonden, die tot taak hadden de kudden te verdedigen tegen roofdieren. Toen echter de roofdieren langzamerhand uitstierven in, was aan bescherming geen behoefte meer en ging men ertoe over de honden steeds kleiner en dus goedkoper in onderhoud te fokken. Het is vrijwel zeker dat er een lichte verwantschap bestaat met min of meer soortgelijke honden elders in Europa zoals de Bearded Collie, de Briard, de Bobtail en de Polski Owczarek Nizinny.


Wederopbouw

De beide wereldoorlogen reduceerden het ras aanzienlijk. Toch werd juist in de laatste oorlog een start gemaakt met de wederopbouw van het ras. Uit patriottisme was er een opleving van de belangstelling voor de Nederlandse landschapsrassen en daartoe behoorde de Schapendoes uitermate ook. In 1943 werd de eerste Schapendoes op de Amsterdamse Winnertentoonstelling uitgebracht, weliswaar naamloos of zonder gekeurd te worden omdat hij nog geen officieel ras was, maar hij was er wel. Daarna nam ook de belangstelling voor de Schapendoes gestaag toe, vooral toen de bekende keurmeester P.M.C. Toepoel (welke zichzelf respecterende kynoloog kent de Toepoels Hondenencyclopedie die nog niet?) zich erop begon toe te leggen het oude ras nieuw leven in te blazen. In 1947 ontving de hond zijn officiële naam Schapendoes. Zes jaar later werd er een voorlopig register geopend en begon men gericht met de Schapendoes te fokken. In eerste instantie werd er vooral geselecteerd op karakter en type en werd er wat minder aandacht aan grootte en vacht geschonken. Toch lukte het om al vrij snel een behoorlijk uniform uiterlijk te krijgen waarbij nog steeds alle kleuren zijn toegestaan. In 1971 werd de Nederlandse Schapendoes internationaal erkend. De toevoeging 'Nederlandse' is eigenlijk overbodig, omdat er geen andere Schapendoesras bestaat.

Tegenwoordig wordt de Schapendoes vrijwel niet meer gebruikt voor zijn oorspronkelijke werkzaamheden, maar is het een geliefde huishond en een zeer veelzijdig sporthond.

Geen allemansvriend

Voor het gezin is de Schapendoes een zeer aanhankelijke hond die graag in de directe omgeving van zijn baas verkeert. Als hij voldoende gelegenheid krijgt om zijn energie kwijt te raken, dan is het in huis een vrij rustige hond, die gesteld is op lichamelijk contact. Hij vindt het heerlijk om uitgebreid geaaid te worden of lekker dicht tegen de baas aan te liggen. Met de eigen kinderen gaat hij over het algemeen goed om, mits zij hem in zijn waarde laten en er niet mee gaan lopen sjouwen. De hond is wel te porren voor een spelletje en dat zijn kinderen meestal ook. Uiteraard dient er ook bij de Does altijd toezicht te zijn als de kinderen met de hond in de weer zijn. Vreemde kinderen interesseren de Schapendoes meestal niet zoveel en sommige Doezen vinden kinderen gewoon eng. Dat geldt overigens ook voor volwassenen. Mensen die hij kent, worden meestal enthousiast begroet en soms zelfs besprongen, maar tegenover vreemden kan de Does zich nog weleens gereserveerd opstellen. Een allemansvriend is hij beslist niet. Hij ziet er wat dat betreft een stuk aaibaarder uit dan hij in werkelijkheid is.

 

De Schapendoes is ook waaks. Als hij vermoedt dat er onraad dreigt, zal hij luidkeels laten weten dat niemand onuitgenodigd welkom is in het huis van de Does. Of hij die woorden ook in daden omzet als het nodig is, dat is nog maar de vraag. Meestal blijft het bij een hoop kabaal.

De Does is een hond die gevoelig is voor stemmingen. Als er spanningen heersen binnen een gezin dan zal dat zeker weerslag hebben op het gedrag van de hond. Een nerveuze, stressige baas zorgt bij dit ras voor een gespannen hond die soms wat al te heftig kan reageren.

Als de hond lekker in zijn plek is dan komt zijn Pietje Bel-achtige uiterlijk regelmatig terug in de streken die de hond uithaalt. Wat dat betreft kan hij een echte clown zijn die regelmatig de lachers op zijn hond krijgt.

 

 

Opvoeding en training

Als je over een beetje geduld beschikt, is de opvoeding van de Schapendoes niet al te moeilijk. Als pup en jonge hond zijn ze erg snel afgeleid, ze hebben het concentratievermogen van een fruitvlieg. Het ene moment zijn ze volledig gefocust en twee tellen later moeten ze hoognodig iets anders gaan doen. Gelukkig zijn ze wel goed te motiveren met een spelletje of iets lekkers en neemt hun concentratievermogen toe naarmate de hond ouder wordt. Let wel op dat de training uitdagend blijft en niet saai wordt, want dan haakt de Does af en gaat hij zijn eigen bezigheden zoeken. Maak ook niet de fout de Does hardhandig bij de les te roepen, want dan zal hij uiteindelijk een trieste hond worden die veel van zijn levenslust verliest. De Does is niet gebaat bij een autoritaire opvoeding. Blijf echter wel consequent je regels stellen om te voorkomen dat de hond gaat denken dat hij alles mag en onhandelbaar wordt. De Schapendoes leert veel, maar soms neemt zijn zelfstandige aard de overhand en kan hij zijn eigen gangetje gaan.

Een beetje actie graag

Er is veel wat je met een Schapendoes kunt ondernemen. Of het nu gaat om obedience, speuren, veedrijven of doggydancing: de Does kan het. Zijn voorkeur gaat echter duidelijk uit naar de actievere sporten zoals flyball, frisbee en behendigheid. Hij is lenig en wendbaar, houdt van springen en rennen. Zoek iets wat zowel de hond als jijzelf leuk vindt, want de Does wordt vaak zeer sterk gemotiveerd door het enthousiasme van zijn baas. Sporten met hem ondernemen, is eigenlijk geen optie, dan doe je de hond tekort.

 

 

Beweging

Onder al dat haar van die warrelige baal wol op pootjes, die door het leven danst als Schapendoes, gaat een hond schuil die veel lichter van bouw, soepeler en springeriger is dan zijn uiterlijk doet vermoeden. Het is een vrijwel onvermoeibaar hond, die veel beweging nodig heeft. Gezellige wandelingen/tjes aan de lijn zijn aan hem niet besteed. Zijn behoefte is volledig afgestemd op galoperen, dus hij wil rennen, sprinten, springen en de wind door zijn haren voelen wapperen. Dan maakt het hem niet uit of het koud, nat of winderig is, goed beschermd door zijn overvloedige bontjas als hij is. Vies van water is hij ook niet bepaald, dus het is heel goed mogelijk dat je met een natte dweil van een hond thuiskomt na een heerlijke wandeling. Het is dan ook verbijsterend hoe hij opeens gekrompen lijkt. Van de 40 tot 50cm voluptueuze hond blijft weinig meer over dan een klein scharminkelje. Voor mensen met smetvrees is hij niet zo geschikt. De vacht fungeert als kruiwagen voor zand, takjes en blaadjes en in zijn baard sleept hij zijn halve waterbak mee om dan genoeglijk zijn kin op je knieën te leggen.

 

Over andere honden die hij onderweg tegenkomt, hoef je je geen zorgen te maken: de gemiddelde Does is sociaalvaardig genoeg en niet uit op een confrontatie. Er zijn echter honden die wat onzeker zijn in de omgang met vreemde honden en vanuit die onzekerheid een grote mond opzetten. Het kan zijn dat hij af en toe de behoefte voelt om eens lekker te gaan jagen. Dat kan op konijnen zijn, maar ook snel fietsende mensen of joggers kunnen op de hielen gezeten worden door een Does die zichzelf een pleziertje heeft beloofd. En hoewel de gemiddelde Does in huis met de eigen katten heel goed overweg kan, willen katten buiten zich weleens een enorme uitdaging vormen om eens even lekker achterna te springen. 

 

 

Behoorlijk wat onderhoud

De vacht van de Schapendoes bestaat uit een zachte wollige ondervacht met daarboven de lange warrelige bovenvacht. Daarnaast is een van de kenmerken toch wel zijn markante kuif. Het vergt behoorlijk wat onderhoud om de vacht in goede conditie te houden en ervoor te zorgen dat de hond geen vervilte voddenbaal wordt. Er wordt gezegd dat de Schapendoes zich vroeger zelf onderhield, doordat de heidestroken waar hij doorheen rende de borstels door de vacht heen gingen. Of dat echt zo was, is moeilijk te controleren. Bij gebrek aan heidevelden waar hij de hele dag doorheen rent, dient hij regelmatig grondig gekamd te worden. Je bent bij een volwassen hond wel enige tijd in beslag neemt om de hond goed uit te kammen, het is van belang hem er als pup al aan te wennen. Zeker als de vacht wisselt van puppy- naar volwassen vacht, omdat juist dan het risico op vervilten groot is. Tegen de tijd dat de hond goed in zijn volwassen vacht komt, moet hij in ieder geval hebben leren accepteren of, mooier nog, waarderen dat hij geborsteld en gebaad wordt. Het beste kan dat op een tafel gebeuren, want ruim een uur lang over een hond heen gebogen staan, is geen pretje en je voert je al gauw rugproblemen op. Scheren is eigenlijk geen optie, want de vacht dan altijd in kwaliteit achteruitgaat. Wil je showen met de hond? Maak je niet druk, hij hoeft niet uitgebreid getoiletteerd te worden voor hij de ring in gaat. Het nonchalante uiterlijk is het gewoonweg bij het ras.

 

Rasportret Onze Hond 2023

Tekst: Jolien Schat |

Foto's: Anita Oranje